Persoonlijk gebed
Het is goed om het erover te hebben. Persoonlijk gebed. Ook al klinkt het nu opeens als een aparte categorie. Soms lijkt het dat ook, dan voelt het als: ‘ik moet mijn persoonlijk gebed gaan doen.’ Als je zo jezelf betrapt, dan klopt er iets niet. Want persoonlijk gebed is juist het kloppende hart, heel de dag door, zelf ’s nachts. ‘Ik sliep, maar mijn hart was wakker’, staat er in het Hooglied. Wel zijn er momenten en gelegenheden om het persoonlijk gebed te voeden, te schragen, te steunen. Ieder heeft daar zo zijn eigen bronnen voor. De een leest graag verhandelingen, dikke boeken over bidden en gebed, een ander zie je klompen aantrekken en gaan wandelen. De dagorde biedt ruim de gelegenheid om al die bronnen aan te boren.
Aan de hand van enkele eerste citaten, willen we je kennis laten maken met wat er vanuit de traditie over gezegd wordt. De citaten leiden je verder naar de bronteksten.
Gelukkig het hart dat bij al wat erop afkomt, bij al wat het overvalt, altijd gelijkmoedig zegt: "Heer Jezus”, dat met onveranderde trouw het "o mijn zielsbeminde" uitspreekt. Wat er ook gebeurt, zijn geloof, getoetst aan het getuigenis van de waarheid, lijdt geen enkele schade aan zijn schoonheid of zijn lofprijzing.
Willem van St.Thierry, Uiteenzetting over het Hooglied §63
Lees de hele brontekst
Een volgeling behoort te allen tijde God in zijn innerlijk te gedenken. Want er staat geschreven: ‘Gij zult de Here uw God liefhebben met heel uw hart.’ Gij zult de Here echter niet alleen liefhebben wanneer gij het bedehuis betreedt, maar Hem tevens gedenken met een diep verlangen als gij met anderen wandelt, spreekt, of de maaltijd gebruikt. Want de Schrift zegt: ‘Waar uw hart is, is ook uw schat’ en voorwaar, waar een hart ook aan wordt geschonken, of waarheen uw diepst verlangen u ook trekt, het is waarachtig uw god. Als het hart van een volgeling
altijd naar God verlangt, zal God waarlijk de Heer zijn van dat hart.
Ps.-Makarios Homilie 43,3
Lees de hele brontekst