Monnik worden
Monnik word je niet, je bent het. Ergens, op een dag, gebeurt het. Je komt erachter dat dit je weg is. En gaandeweg leer je leven met die wetenschap, gaandeweg groeit het besef in je dat het onontkoombaar is. Je weet dat je je leven alleen nog hand in hand met God wilt leven. Je klopt aan onze poort.
Aankloppen kan tegenwoordig op veel manieren. Gewoon met je vuist, net als vroeger, het kan nog steeds. Maar we hebben ook een mooie bel. En een telefoon. En een computer met een internetverbinding, zodat je kunt mailen. Zie contact.
In de praktijk komt het er dan op neer dat we een afspraak maken voor een gesprek. We leren elkaar dan wat beter kennen. Als we wederzijds het idee hebben dat verdere oriëntatie zinvol is, dan is het mogelijk om voor beperkte tijd mee te leven met de monnikengemeenschap. Zo groei je langzaam in een traject dat loopt van aspirant, postulant en novice naar geprofeste monnik. Maar laten we niet te ver vooruitkijken.
Eerst maar dit. Die ontdekking dat je monnik wilt worden, dat ons leven jou ook trekt. Dat je niets liever wil dan je hele leven toewijden aan God. Je beseft dat als je hier komt, dat je dan komt om te sterven, zowel in spiritueel als fysiek opzicht. Hierbij stilstaan is al groot genoeg voor dit moment. Langzaam kun je dan, eventueel bij ons in huis, verder ontdekken of dit leven echt iets voor je is.