Geschiedenis

Landgoed Frieswijk, anno 1883. De eerste monniken arriveren hier vanuit de Sint Benedictusabdij, het moederklooster dat in de volksmond beter bekend is als de Achelse Kluis. Later verhuist de groep monniken naar de iets verderop gelegen boerderijen De Vulik en Het Leeuwen, met de bijbehorende 58 hectare grond. De neogotische kerk wordt gebouwd. We schrijven 1890.

Sinds die tijd is abdij Sion een levende communiteit gebleven, tot op de dag van vandaag. De verborgen plek trekt mannen van alle leeftijden naar een leven met God en met elkaar, in de stilte van het bos. Oversten komen en gaan en laten ieder hun eigen spoor na. Dom Jacobus Fokkes bijvoorbeeld, de derde overste, legt tussen 1898 en 1934 het accent sterk op een hard en boetvaardig leven. Er dringt in deze jaren maar weinig door van de nieuwe stroming in de orde, een stroming die los wil komen van de eenzijdige nadruk op ascese. Onder dom Gabriël van de Moosdijk, overste van 1934 tot 1952, krijgt dit nieuwe geluid ook in Diepenveen gehoor. Het wordt een periode van groei en bloei. Klooster Sion wordt tot abdij verheven, de liturgie wordt naar een hoger peil getild, de gebouwen worden flink uitgebreid.

Hierna zijn achtereenvolgens de broeders Malachias, Adolphus, Johannes en Romero overste van het klooster. De huidige overste is abt Alberic Bruschke. Hij streeft samen met de communiteit naar een terugkeer naar de essentiële monastieke waarden, naar stilte en beslotenheid voor de communiteit en een open hart voor alle mensen van goede wil die aan de poort kloppen.

De communiteit bestaat nu uit ongeveer twaalf broeders. Daarnaast zijn er enkele kandidaten die zich voorbereiden op hun intreden.

Verborgen Leven

Abdij Sion gaf in 1950 het boekje 'Verborgen Leven' uit. Artikelen uit deze bundel kunt u hieronder als pdf downloaden.


zoeken